Duurzaamheid

Iedereen heeft het over duurzaamheid – maar wat is het en op welke principes is de term ‘duurzaamheid’ gebaseerd in een stedelijke omgeving?

 

De wereld waarin we leven ondergaat grote veranderingen die nog nooit eerder in de menselijke geschiedenis zijn gezien. Er wordt geschat dat ruim 50% van de wereldbevolking nu in stedelijke gebieden woont en dat dit in 2050 waarschijnlijk zal stijgen tot 70%. Hoewel steden slechts een klein deel van het aardoppervlak beslaan, gebruiken ze ongeveer 80% van de hulpbronnen in de wereld. als voedsel, water en energie. En waar veel mensen zijn, is ook veel afval. In de mondiale klimaatbescherming en het behoud van hulpbronnen spelen stedelijke gebieden een sleutelrol en tegelijkertijd worden deze steden ook steeds belangrijker als economische omgeving en leefruimte. Daarom is de noodzaak om groeiende steden duurzamer te ontwikkelen groter dan ooit.

 

Op 23 november organiseerde BioArt Laboratories een inspiratieavond om de verschillende facetten van duurzaamheid op stedelijk niveau te bespreken. Na een introductierondleiding door het laboratorium verzamelde de kleine, maar diverse groep studenten en professionals zich voor onze presentatie.

 

Bettina Graupe van de Radboud Universiteit Nijmegen sprak over duurzaamheid vanuit een sociaal-wetenschappelijk perspectief door de betekenis ervan te plaatsen in de context van sterk verstedelijkte gebieden. Ze legde uit dat duurzaamheid op stedelijk niveau meestal wordt gezien in termen van circulaire of efficiëntere energie- of afvalbeheersystemen. Toch vergeten we vaak dat duurzaamheid al in eenvoudiger vormen te vinden is, bijvoorbeeld: nieuw ontwikkelde materialen.

 

Of dergelijke materialen succesvol duurzaam zijn, hangt echter niet alleen af van kenmerken zoals milieuvriendelijk of biologisch afbreekbaar zijn, maar wordt ook bepaald door de kosten om ze te maken en te onderhouden. Goede voorbeelden van dergelijke materialen zijn bioplastics die uiteindelijk op olie gebaseerde plastics kunnen vervangen, of bouwmaterialen zoals zelfherstellend beton. Een ander aandachtspunt tijdens de avond was de levensstijl in de stad. In verstedelijkte gebieden is de natuur vaak schaars vergeleken met de hoeveelheid nieuwe ontwikkelingen die het landschap van onze steden bepalen. Men dacht dat het opnieuw integreren van de natuur in onze verstedelijkte manier van leven een mogelijk stukje van de puzzel zou zijn om duurzamer te worden. Dit idee is terug te vinden in initiatieven die gebruik maken van de integratie van architectuur en landbouw (verticale landbouw) of die conventionele aquacultuur op symbiotische wijze combineren met hydrocultuur (aquaponics).

 

Om uiteindelijk terug te komen op het eerder genoemde traditionele denken over duurzaamheid, werden circulaire of efficiënte energie- en recyclingsystemen besproken aan de hand van voorbeelden als het Zweedse vacuümsysteem voor de verwerking van afval. Het ondergrondse leidingsysteem biedt voordelen voor het milieu door het transport van zwaar afval te verminderen, wat op zijn beurt leidt tot een vermindering van de CO2-uitstoot. Tegelijkertijd bieden de lage onderhouds- en exploitatiekosten financiële voordelen.

 

De avond werd afgesloten met een interessante discussie over de gepresenteerde concepten en hoe deze voor Eindhoven vruchtbare mogelijkheden zouden kunnen bieden om duurzamer te worden. Over het geheel genomen werd geconcludeerd dat een mix van nieuwe materialen, innovatieve architectuur en duurzame systemen zou kunnen resulteren in de meest substantiële winst voor een stad die duurzaamheid nastreeft.

Locatie

Achtseweg zuid 151

Stad

Eindhoven

Datum

november 23, 2016

Categorie

Experiments